Nieuws

Ik wist: als ik wil ontdekken wat bij me past, moet ik het gewoon gaan doen.

Op een basisschool in Amsterdam-Noord staat Noor (24) voor groep 5. Nog maar een paar maanden geleden studeerde ze af aan de Pabo. Nu staat ze via ADAM Onderwijs op verschillende scholen voor de klas. Niet met een strak plan, maar juist om te ontdekken wat bij haar past. De ene week staat ze in een rustige bovenbouwklas, de andere keer in een energieke middenbouwgroep waar alles tegelijk lijkt te gebeuren. Juist die afwisseling maakt dat ze elke dag met een frisse blik begint en steeds beter voelt waar ze energie van krijgt.

Noor, hoe is het om net gestart te zijn als invalleerkracht?

“Best intens, maar vooral heel leuk. Je komt telkens in een nieuwe klas, een nieuw team, een andere manier van werken. In het begin vond ik dat best spannend. Je wilt het goed doen, maar je moet ook snel schakelen en eigenlijk meteen ‘aan’ staan. Tegelijkertijd geeft het juist veel energie. Je leert zó snel. Elke dag neem je weer iets mee naar de volgende school. Soms zijn dat praktische dingen, zoals hoe iemand een dagopening doet. Maar soms zit het juist in kleine momenten, bijvoorbeeld hoe je reageert op een kind dat ergens mee zit. Die ontwikkeling gaat eigenlijk vanzelf en dat geeft ook veel voldoening.”

Waarom heb je ervoor gekozen om niet meteen vast op één school te beginnen?

“Ik twijfelde heel erg wat bij me past. Tijdens mijn stages merkte ik dat elke school zo anders is. De ene plek is heel gestructureerd, met vaste routines, en de andere juist wat vrijer en creatiever. Ik vond het lastig om daar meteen een keuze in te maken. Ik dacht: als ik nu ergens vast ga zitten, kies ik misschien te snel. Door in te vallen kan ik echt ervaren wat bij mij past. Dat geeft rust, gek genoeg. Alsof ik mezelf de tijd gun om het goed uit te zoeken. En dat voelt nu gewoon goed.”

Wat kom je tegen in die eerste maanden voor de klas, en hoe bouw je in korte tijd een band op met een groep?

“Vooral mezelf, denk ik. Je wordt best gespiegeld door een klas. Als jij onzeker bent, voelen kinderen dat meteen. En als je te streng bent, krijg je daar ook een reactie op. Dat vind ik soms confronterend, maar ook leerzaam. Je leert snel waar je kracht ligt en waar je nog in kunt groeien. Tegelijkertijd merk ik dat die band met kinderen sneller ontstaat dan ik dacht. Kinderen zijn eigenlijk heel open. Als jij er bent, dan ben je hun juf voor die dag of die week. Ze komen dingen vertellen, stellen vragen, zoeken contact. Aan het einde van de dag merk je dan dat er toch iets is opgebouwd. Dat kan in iets kleins zitten, zoals een grapje dat terugkomt of een blik bij het naar huis gaan. Dat zijn momenten die blijven hangen.”

Zijn er momenten die je extra zijn bijgebleven?

“Ja, laatst was ik in een groep 4 waar een jongetje heel stil was. Hij deed wel mee, maar hield zich een beetje op de achtergrond. Aan het einde van de dag kwam hij ineens naar me toe en zei: ‘Juf, kom je morgen weer?’ Dat was zo’n klein zinnetje, maar het raakte me wel. Blijkbaar had hij zich toch veilig genoeg gevoeld. Dat soort momenten maken het werk heel waardevol. Het zit vaak in kleine dingen, maar die zeggen eigenlijk alles. Dat zijn momenten waar ik later nog aan terugdenk.”
Wat geeft jou op dit moment het meeste werkgeluk?
“Dat zit voor mij in de combinatie van groei en betekenis. Aan de ene kant merk ik dat ik elke week beter word, en dat geeft vertrouwen. Aan de andere kant zijn het die kleine momenten met kinderen die het bijzonder maken. Een blik, een vraag, of gewoon een kind dat enthousiast meedoet. Dat klinkt klein, maar dat is het helemaal niet. Dat zijn juist de momenten waarop ik voel dat ik op de goede plek zit. Dan ga ik ook echt met een goed gevoel naar huis.”

Wat heb je nodig om dit werk goed te kunnen doen?

“Voor mij is begeleiding wel belangrijk. Dat je iemand hebt bij ADAM Onderwijs die je kunt bellen als je ergens tegenaan loopt. Of gewoon om even te sparren. Dat helpt echt, zeker in het begin. Je staat er vaak alleen voor in de klas, dus het is fijn als er op de achtergrond iemand met je meedenkt. Daarnaast helpt het dat dingen praktisch goed geregeld zijn. Dat je snel kunt zien waar je nodig bent en wat er verwacht wordt. Dan kun je je focussen op de klas. Die duidelijkheid geeft rust, en daardoor hou je meer energie over voor de dingen die er echt toe doen.”

Hoe kijk je naar de toekomst?

“Ik denk dat ik uiteindelijk wel ergens wat langer wil blijven. Het lijkt me mooi om echt onderdeel te zijn van een team en een groep langer te volgen. Maar nog niet nu. Ik zit echt in een fase waarin ik wil ontdekken en leren. Elke school laat me weer iets anders zien. Soms denk ik: dit past echt bij me. En een week later denk ik dat weer ergens anders. Voor nu voelt dit als precies de juiste stap. Het geeft me de ruimte om mijn eigen weg te vinden, en tegelijkertijd elke dag met plezier voor de klas te staan.”


Terug naar het overzicht

Wij werken samen met:

logo