
Al drie weken staat Paul (37) voor dezelfde groep 4 op een basisschool in Amsterdam-Noord. Waar daginvallers vaak na een dag weer vertrekken, blijft hij langer. Lang genoeg om namen te kennen, routines op te bouwen en echt iets op te bouwen met de klas. Als vaste invalleerkracht via ADAM Onderwijs kiest ze bewust voor opdrachten van meerdere weken. Niet volledig vast, maar ook zeker niet vluchtig. Precies daar zit voor haar de balans, tussen betrokken zijn en ruimte houden voor zijn leven buiten school.
Jij kiest bewust voor langere invalopdrachten. Wat spreekt je daarin aan?
“Voor mij zit het verschil echt in de tijd die je hebt met een groep. Als je ergens maar één dag bent, dan ben je vooral bezig met die dag goed laten verlopen. Dat is ook belangrijk, maar ik merk dat ik meer voldoening haal uit een langere periode. Na een paar dagen begin je kinderen te herkennen, na een week ken je hun namen en na twee weken weet je wat ze nodig hebben. Dan kun je echt iets opbouwen. Je ziet ontwikkeling, al is die klein. En dat maakt het werk persoonlijker en ook betekenisvoller.”
Waarom niet meteen weer een vaste plek op één school?
“Ik heb dat eerder gedaan, toen mijn kinderen nog kleiner waren. Dat gaf toen juist rust en structuur. Maar op een gegeven moment merkte ik dat ik behoefte had aan iets meer flexibiliteit. Niet zozeer om minder te werken, maar om meer regie te hebben over hoe mijn werkweek eruitziet. Met twee kinderen thuis is geen week hetzelfde. Als vaste invalleerkracht heb ik wel de rust van een langere opdracht, maar niet alle verplichtingen die bij een vaste aanstelling komen kijken. Dat geeft lucht. Ik kan me volledig richten op de klas, zonder dat ik overal tegelijk bij betrokken hoef te zijn.”
Wat maakt het werken met dezelfde groep over een langere periode zo waardevol voor jou?
“De relatie die je opbouwt. In het begin ben je voor kinderen gewoon ‘de juf die er even is’. Ze kijken nog een beetje de kat uit de boom. Maar dat verandert snel. Na een paar dagen komen ze uit zichzelf naar je toe, gaan ze dingen vertellen en merk je dat ze je vertrouwen. Dat vertrouwen groeit, en daar kun je op bouwen. Je ziet ook beter wat er achter gedrag zit. Een kind dat druk is, een kind dat juist stil blijft; je leert ze kennen. En juist daardoor kun je beter aansluiten. Dat maakt het werk voor mij echt rijker.”
Hoe ziet een dag eruit waarop jij denkt: dit is waarom ik dit werk doe?
“Dat zit vaak in de rust die ontstaat. Dat je merkt dat een groep weet waar ze aan toe zijn en dat er een soort vanzelfsprekendheid komt in hoe de dag verloopt. Laatst had ik een moment waarop een leerling iets niet begreep en een klasgenoot het rustig ging uitleggen. Ik hoefde daar eigenlijk niks meer aan te doen. Dat soort momenten ontstaan alleen als je er langer bent. Dan denk ik: ja, hier draag ik aan bij. Dat geeft een goed gevoel.”
Wat geeft jou op dit moment het meeste werkgeluk?
“Dat ik echt iets kan opbouwen, zonder dat het meteen vastligt voor de lange termijn. Werkgeluk zit voor mij in die combinatie. Aan de ene kant de verbinding met een groep, het gevoel dat je ergens onderdeel van bent. Dat kinderen je kennen, je opzoeken, dat je samen een ritme opbouwt. Aan de andere kant de ruimte om na een opdracht weer even afstand te
nemen. Even op adem komen, thuis zijn en daarna weer opnieuw beginnen. Die afwisseling zorgt ervoor dat het werk fris blijft, maar wel diepgang houdt.”
Wat vraagt deze manier van werken van jou?
“Dat je snel schakelt, maar ook dat je je openstelt. Je komt telkens in een nieuw team en een nieuwe groep, dus je moet je plek vinden. Tegelijkertijd heb je meer tijd dan een daginvaller, dus er wordt ook iets meer van je verwacht. Je draait echt mee. Dat vind ik juist prettig. Je hebt verantwoordelijkheid, maar wel binnen een duidelijke periode. Dat maakt het overzichtelijk. Je weet waar je aan begint en waar je naartoe werkt.”
Wat heb je nodig om dit goed te kunnen blijven doen?
“Duidelijke afspraken en goed contact. Dat je weet waar je aan toe bent en dat er ruimte is om vragen te stellen of te sparren. Vanuit ADAM Onderwijs merk ik dat dat goed werkt. En voor mij persoonlijk is het belangrijk dat ik die balans kan blijven houden. Werken met aandacht en plezier, maar ook ruimte houden voor thuis. Als dat in evenwicht blijft, dan haal ik hier echt veel voldoening uit. Dan voelt het niet als werk dat ‘moet’, maar als iets wat goed past bij hoe ik wil leven en werken.”
Terug naar het overzicht